303.543 datasets geïndexeerd1.420 uitgevers
Open Data IndexDe index van open data over Nederland
Datasets›data.overheid.nl

Zorgwoonruimten (vanaf 01-01-2017)

Centraal Bureau voor de Statistiekvia data.overheid.nl · bijgewerkt 5 oktober 2026

Wat erin zit

Dit is een verrijkingsbestand van de woningen- en niet-woningenvoorraad op 1 januari en bevat informatie of een verblijfsobject (woning of niet-woning) een zorgwoonruimte betreft. Zorgwoonruimten zijn verblijfsobjecten waar institutionele huishoudens woonachtig zijn die zorg nodig hebben. Daaronder vallen verzorgings- en verpleeghuizen, instellingen voor geestelijke gezondheidszorg, forensische centra en instellingen voor verstandelijk, lichamelijk en zintuiglijk gehandicapten.

Team Vastgoed en Woningmarkt stelt voor gebruik in het SSB één keer per jaar deze afbakening vast.

Meer informatie over het verkrijgen van toegang tot de data:

> https://www.cbs.nl/nl-nl/onze-diensten/maatwerk-en-microdata/microdata-zelf-onderzoek-doen

### Methodiek

De afleiding van zorgwoonruimten betreft een modelmatige benadering waarbij verschillende bronnen worden gebruikt. De volgende bronnen zijn gebruikt voor het bepalen van zorgwoonruimten. - BAG: vbo's van alle woningen en niet-woningen in voorraad met informatie over het vbo en over het pand waar het vbo bij hoort. Dit bestand vormt de basis. - Institutionele huishoudens (ihh): vbo-id met soort zorginstelling, selectie van type 1 (verzorgings- en verpleeghuizen) en type 2 (overige zorginstellingen). - Corporatiebestand (AW): adres van corporatiewoningen met intramurale eenheden. - BRP: aantal inwoners per vbo. - Eigendomsbestand: vbo's van koopwoningen.

De belangrijkste beslisregels om te bepalen of een verblijfsobject een zorgwoonruimte is, zijn als volgt: 1. 75% of meer van de inwoners in het pand behoort tot een institutioneel huishouden of behoort volgens het corporatiebestand tot een intramurale eenheid. Daarvan behoren de volgende verblijfsobjecten in het pand tot zorgwoonruimten: verblijfsobject in het pand is bewoond door een institutioneel huishouden of verblijfsonbject is bewoond en is een intramurale eenheid of verblijfsobject in het pand is onbewoond maar heeft wel een woonfunctie in de BAG. 2. Minder dan 75% van de inwoners in het pand behoort tot een institutioneel huishouden of behoort volgens het corporatiebestand tot een intramurale eenheid. Daarvan behoren de volgende verblijfsobjecten tot zorgwoonruimten: verblijfsobject in het pand is bewoond door een institutioneel huishouden of verblijfsobject is bewoond en is een intramurale eenheid. 3. Verblijfsobject heeft een gezondheidszorg- en woonfunctie in de BAG.

Op basis van de vele analyses en uitzoekwerk op de data, blijkt dat de methode goed werkt en de doelpopulatie - zorgwoonruimten - goed wordt afgebakend. Wel is er nog een grijs gebied. Het gaat bijvoorbeeld om jeugdinstellingen en beschermd wonen, wat gevoelige informatie betreft. Veel van deze instellingen zijn terug te vinden in de populatie, maar het is niet uitgesloten dat er een deel mist. Aan de andere kant zijn aanleunwoningen en serviceflats geen onderdeel van de populatie (het gaat hierbij om zelfstandige woningen), maar kan het voorkomen dat - ondanks extra opgestelde beslisregels - deze in sommige gevallen wel in de populatie terecht zijn gekomen. Advies is om de gegevens niet dieper uit te splitsen dan COROP-gebieden (zoals ook in de StatLinetabel Zorgwoonruimten; type zorgwoonruimte, regio) en cellen met minder dan 5 waarnemingen te onderdrukken en daarboven af te ronden op 5-tallen.

Vergelijkbare datasets

Meer van Centraal Bureau voor de Statistiek8.184 datasets