Maandbedragen van personen die van hun werkgever ontslagvergoeding, transitievergoeding of een aanvulling op uitkeringen ontvangen (vanaf 01-01-2021)

Wat erin zit
Dit bestand vertegenwoordigt alle personen die in een bepaald jaar van hun (ex-)werkgever ontslagvergoeding/transitievergoeding of een aanvulling op hun uitkering werknemersverzekering ontvangen. Voor de personen in het bestand is door middel van een tijdsleutel voor elke dag in het jaar aangegeven wat het fiscale maandbedrag aan uitkering is in de maand waarin de dag valt. De gegevens in dit bestand zijn afkomstig uit de Polisadministratie (RP2POLISJJJJBUSVV).
N.B. Personen die ontslagvergoeding/transitievergoeding of een aanvulling op hun uitkering ontvangen van hun (ex)werkgever zijn tot en met verslagjaar 2016 vertegenwoordigd in de Stelsel van Sociaal-statistische Bestanden (SSB)-componenten PENSOVJAARBEDRAGJJJJTABVV, PENSOVMNDBEDRAGJJJJBUSVV en PENSOVPERSOONJJJJBUSVV van 2017 tot en met verslagjaar 2020 in de SSB-component PENSOVPERSOONMNDBEDRAGJJJJBUSVV.
Meer informatie over het verkrijgen van toegang tot de data:
> https://www.cbs.nl/nl-nl/onze-diensten/maatwerk-en-microdata/microdata-zelf-onderzoek-doen
### Methodiek
Het bestand is van het bus-type. Dit houdt in dat het databestand een vorm heeft waarbij in een record (een rij in het bestand) attributen aan een entiteit zijn gekoppeld met behulp van een tijdsleutel. De tijdsleutel bestaat uit een aanvangsdatum en een einddatum. Wanneer er een wijziging plaatsvindt in een of meerdere attributen, ontstaat er een nieuw record.
Om inzicht te geven in hoe de maandbedragen worden afgeleid uit de Polisadministratie (RP2POLISJJJJBUSVV), volgt hieronder een kort overzicht van het productieproces. Eerst wordt de uitkeringsperiode bepaald per RINPERSOONS en inkomstenverhoudingscode (hier code 61 en 62). Records behorend bij dezelfde RINPERSOONS en inkomstenverhouding code worden indien nodig opgesplitst in losse records zodat elk record een gedeelte van één maand, of één hele maand, of meerdere hele en aansluitende maanden bevat. Vervolgens wordt het ontslagvergoeding/transitievergoeding "dagloon" per RINPERSOONS bepaald. Hiervoor wordt eerst het jaarbedrag berekend als de som van de velden RLNLBPH behorend bij een bepaalde RINPERSOONS en de inkomstenverhoudingscodes 61 en 62. RLNLBPH is een variabele in de RP2POLISJJJJBUSVV en geeft het loon weer waarover loonbelasting en premie volksverzekeringen (loonheffing) wordt berekend, ook wel het uitkeringsbedrag. Het jaarbedrag wordt dan evenredig verdeeld over het aantal dagen dat de persoon volgens RP2POLISJJJJBUSVV ontslagvergoeding/transitievergoeding ontving. Ten slotte wordt dit dagloon omgezet naar een maandbedrag. Voor records bestaande uit losse dagen/gedeeltelijke maanden, wordt het aantal kalenderdagen die het record bestrijkt vermenigvuldigd met het dagloon. Dit bedrag wordt afgerond op twee decimalen. Voor de records bestaande uit hele maanden wordt eerst het onafgeronde bedrag voor de gedeeltelijke maanden afgetrokken van het jaarbedrag. Daarna wordt het restbedrag evenredig verdeeld over het aantal gehele maanden. Dit bedrag wordt afgerond op twee decimalen. N.B. Uitgekeerde bedragen kleiner dan 0 (negatieve bedragen) worden ook meegenomen in het bepalen van het maandbedrag. Dergelijke negatieve zijn meestal het gevolg van verrekeningen. Het is belangrijk om te beseffen dat het meenemen van negatieve bedragen kan resulteren in 1) negatieve maandbedragen en 2) nulbedragen. Negatieve maandbedragen kunnen bijvoorbeeld ontstaan als een persoon in een (vorig) verslagjaar een te hoog bedrag heeft ontvangen en dit middels een verrekening gecorrigeerd wordt in het huidige verslagjaar en de persoon in het huidige verslagjaar de uitkering niet ontvangt, of in het huidige verslagjaar minder ontvangt dan dat er wordt teruggevorderd. Nulbedragen kunnen alleen ontstaan als in het huidige verslagjaar net zoveel is uitgekeerd aan een persoon als dat er is verrekend in hetzelfde verslagjaar.
### Populatie