Getuigen Verhalen, Schiedamse kinderen op stap, interview 06
Wat erin zit
Mevrouw groeide op als oudste van vijf kinderen in een arm Schiedams gezin. Haar vader was huisschilder en in de wintermaanden vaak werkloos. In 1937 werd ze 'te gezond' bevonden om te worden uitgezonden, maar eind 1942 wordt de dan 11-jarige geïnterviewde met haar broertje voor het eerst via school uitgezonden. In het Friese dorpje Rinsumageest verblijft ze vier weken bij een weduwe. Ze heeft het er niet naar haar zin, omdat er geen kinderen zijn met wie ze kan spelen. Het gezin leed honger, haar jongere zusje was 'haast een lijkje'. In 1943 wordt ze opnieuw via school uitgezonden, dit keer naar de boerderij van de familie Kraayenbrink in het Gelderse Varsseveld. Ze heeft er een 'fabelachtige' tijd. In de vakanties mag ze er terugkomen en ook haar familie mag een week op de boerderij komen logeren. Begin 1945 komt een Rotterdammer die in Varsseveld is ondergedoken, haar ouders een brief van 'oom' Kraayenbrink brengen. De familie Kraayenbrink heeft vernomen hoe ernstig de voedselsituatie in Schiedam is en verzoekt de vader van de geinterviewde de rotterdammer toe te staan zijn oudste dochter mee te nemen naar Varsseveld. Mevrouw ervaart de hongerwinter in Schiedam als 'de …
Bestanden en diensten
- DataCite REST API (JSON)api.datacite.orgOpenen